Omgevingsvergunning

Wie wil bouwen of verbouwen moet in de meeste gevallen een omgevingsvergunning aanvragen. Maar ook andere werken die impact hebben op de ruimtelijke ordening zijn vergunningsplichtig.

De omgevingsvergunning vervangt en verenigt sinds 2018 verschillende vergunningen:

  • de omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen (vroegere stedenbouwkundige vergunning)
  • de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden (vroegere verkavelingsvergunning)
  • de omgevingsvergunning voor de exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten (vroegere milieuvergunning)
  • de omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten (vroegere sociaal-economische machtiging)
  • de omgevingsvergunning voor het wijzigingen van kleine landschapselementen of voor het wijzigen van vegetatie (vroegere natuurvergunning)

Een aanvraag verloopt voortaan digitaal via het omgevingsloket.

Zo heb je bijvoorbeeld ook een omgevingsvergunning nodig wanneer:

  • Je de functie van een gebouw wijzigt
  • Je het aantal woongelegenheden binnen een gebouw wijzigt
  • Je een terrein wil aanleggen, ophogen ...
  • Je bomen wil kappen
  • ...

Voor een aantal werken is geen omgevingsvergunning vereist. Deze werken worden opgesomd in het uitvoeringsbesluit betreffende de vrijstelling van vergunningsplicht.

Voor handelingen met stabiliteitswerken binnen gebouwen of aan zijgevels, achtergevels en daken van gebouwen volstaat een melding. Je vindt de volledige lijst in het uitvoeringsbesluit betreffende de meldingsplicht. Ook voor het aanbouwen van een garage, carport, veranda… (met een totaal van maximum 40m²) volstaat een melding. Het dossier dat moet worden ingediend bij de melding is vergelijkbaar met het dossier voor een aanvraag omgevingsvergunning.

Bij al deze werken geldt uiteraard dat de aanvraag niet strijdig mag zijn met de voorschriften van een bijzonder plan van aanleg (BPA), gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP), verkavelingsvergunning of gemeentelijke bouwverordening. Voor werken aan beschermde monumenten en in beschermde dorpsgezichten is steeds een machtiging nodig van het agentschap Onroerend Erfgoed.

Vraag steeds informatie bij de dienst Ruimtelijke Ordening en Wonen over je plannen. Zo volg je zeker de juiste procedure en voorkom je stedenbouwkundige overtredingen.

Meer informatie